2016-blogs-website18Zoiets zal mij vast nooit overkomen! Dat was mijn eerste gedachte, toen ik in de zaal zat te luisteren naar die ‘speciale’ man met dat nóg specialere getuigenis. De man naar wie ik naar luisterde, vertelde hoe God hem fulltime in de bediening had geroepen. Hij besloot zijn baan op te zeggen. Zo snel als hij deze stap in geloof had genomen, zo snel begonnen zich ook de rekeningen op te stapelen. Toch hield hij vol om God te vertrouwen; Hij had immers gesproken. Niet lang daarna ging de telefoon; het was een succesvolle zakenman die hem aanbood zijn salaris met hem te delen! Alle rekeningen konden betaald worden en God voorzag in alles wat nodig was.

Ik was begin twintig toen ik dit verhaal hoorde en had hetzelfde verlangen als deze man, namelijk dat ik op een dag God zou zien werken in mijn leven. Maar ja, wie was ik nou helemaal? David, een hele gewone jongen. Waarom zou míj zoiets dus gebeuren? Na afloop van de dienst gaf ik de beste man een hand. Hij keek me scherp aan en zei: “Op Gods tijd zal Hij het ook voor jou doen!”

Dat vond ik maar moeilijk om te geloven. In mijn ogen waren de mensen die op podia stonden van die ‘super-speciale begenadigden van God’. Als ik toen toch eens wist wat voor plannen God met mijn leven had! Ik schaam me nu diep voor het feit dat ik ooit zo gedacht heb. God heeft door de jaren heen zijn trouw bewezen. Ja, zelfs aan deze hele gewone jongen! Want enkele jaren later overkwam mij precies hetzelfde.

Nadat ik de bijbelschool had afgerond, bleef ik toegewijd in de bakkerij werken. Een vacature als evangelist lag niet voor het oprapen en dus moest ook ik gewoon aan de bak. Na de oprichting van Go and Tell, toen werkelijk al mijn vakantiedagen op gingen aan zendingsreizen, werd ik moe. Ik sprak wel eens tot laat in de avond om er vervolgens om drie of vier uur in de ochtend weer uit te moeten voor mijn werk in de bakkerij. Dit hield ik niet langer vol! Ik wachtte op Gods tijd om fulltime voor Hem aan de slag te kunnen.

Niet veel later ontmoette ik twee jonge mannen die interesse hadden in Go and Tell en mijn plannen voor de toekomst. Ik vertelde ze van mijn verlangen om fulltime aan de slag te willen gaan voor God, waarop ze zeiden: “Wat heb je dan nog te zoeken in de bakkerij?” Tja, daar hadden ze helemaal gelijk in. Ik vertelde ze dat ik mijn baan al had opgezegd, waarop ze vroegen: “Weet je al hoe je voor jezelf gaat zorgen?” Nee, dat wist ik nog niet. Ze vertelden me dat zij een succesvol bedrijf hadden, waarmee ze mij wilden sponsoren. Nee, niet met slechts een klein bedrag per maand, maar het volledige bedrag van mijn salaris dat ik bij de bakkerij had verdiend. Wat?! Ik kon mijn oren niet geloven. Ik voelde me alsof ik de jackpot had gewonnen! God hield zich aan Zijn woord. Deze mannen hebben een jaar lang mijn salaris betaald, waarna God weer op andere manieren in mijn onderhoud voorzag. Tot op de dag van vandaag!

Durf jij nog te geloven dat God mooie en grote dingen voor jou heeft? Leef jij een avontuurlijk leven met Hem? Misschien denk jij, net als ik toen: mooi voor jou, maar dat zal mij nooit gebeuren! Dan wil ik tegen je zeggen dat ik je begrijp. Toch hoop en bid ik dat je je dan, net als ik, op een dag zult moeten ‘schamen’, omdat God geweldige dingen door jou heen is gaan doen.

Ik wil je meenemen naar het verhaal uit de Bijbel van de wonderbare spijziging; het moment dat Jezus broden en vissen vermenigvuldigt voor een grote groep mensen. Het gaat om 5000 mannen; vrouwen en kinderen niet meegerekend. Het is goed mogelijk dat het hier in totaal om 20.000 mensen gaat!

Wanneer ik dit verhaal las, zag ik Jezus altijd voor me, die de broden en de vissen in Zijn hand hield, er voor bad en het vervolgens zelf in duizenden stukjes begon te breken. Toen ik me er echter in verdiepte, bleek ik er compleet naast te zitten. Lees met me mee:

Hij nam de vijf broden en de twee vissen, keek omhoog naar de hemel, sprak het zegengebed uit, brak de broden en gaf ze aan zijn leerlingen om ze aan de menigte uit te delen.

Marcus 6:41
Jezus bad wel voor de zegen, maar het waren Zijn discipelen die het brood mochten uitdelen. Nu zie ik nog best voor me hoe je vijf broden verdeelt onder twaalf mannen. Dat wil nog wel lukken. Maar wat moet er door de hoofden van die mannen zijn gegaan toen ze dat stuk brood in handen kregen? Ik zie helemaal voor me hoe ze Jezus moeten hebben aangekeken, met een blik van: méént U dit? Ze moeten ongetwijfeld met enige aarzeling zijn begonnen aan de uitvoering van hun opdracht. Eerst hele kleine stukjes afbreken, want ja, stel je voor dat het niet werkt!
Maar dan… Die grote verbazing op de gezichten wanneer ze tot de ontdekking komen dat het brood maar niet opraakt! De stukken die ze afbraken moeten geleidelijk aan groter zijn geworden. Het wonder van vermenigvuldiging gebeurt, jawel, in hun eigen handen! Hoe bemoedigend is het om te zien dat God niet alleen zelf Zijn wonderen verricht, maar óns hier deel van uit wil laten maken! De discipelen moeten de dag van hun leven hebben gehad!

In Marcus 8 lezen we opnieuw over een wonderbare spijziging. Dit keer zijn er 4000 mensen bij betrokken. De discipelen zien de kracht van God opnieuw van heel dichtbij. Kort daarop gaan ze een stukje varen en dan gebeurt er iets bijzonders:
De leerlingen waren vergeten genoeg brood mee te nemen; ze hadden maar één brood bij zich in de boot.

Marcus 8:14
Na een groot wonder, waarbij er een ruim overschot aan brood is, komen ze tot de ontdekking dat ze zelf niet genoeg brood hebben meegenomen. Balen! En dat, terwijl ze zeven manden brood op de oever hadden staan! Dan lezen we: Ze hadden het er met elkaar over dat ze geen brood hadden.

Marcus 8:16
Dit frustreert Jezus, waarop hij zegt:
‘Waarom praten jullie erover dat je geen brood hebt? Begrijpen jullie het dan nog niet, en ontbreekt het jullie aan inzicht? Zijn jullie dan zo hardleers? Jullie hebben ogen, maar zien niet? Jullie hebben oren, maar horen niet? Weten jullie dan niet meer hoeveel manden vol stukken brood jullie hebben opgehaald toen ik vijf broden brak voor vijfduizend mensen?’ ‘Twaalf,’ antwoordden ze. ‘En toen ik zeven broden brak voor vierduizend mensen, hoeveel manden vol stukken brood hebben jullie toen opgehaald?’ ‘Zeven,’ antwoordden ze. Toen zei hij: ‘Begrijpen jullie het dan nog niet?’

Marcus 8:17-21
Het is voor Jezus onvoorstelbaar dat je, na het zien van twee van zulke grote wonderen, je nóg zorgen kunt maken. Het is alsof Hij hier zegt: “Jullie zien het wel, maar toch ook niet.” Het probleem van de discipelen was, dat ze het wel geloofden voor de menigte, maar niet voor zichzelf. Ze twijfelden of Jezus het wel voor hen zou doen. Ze dachten waarschijnlijk dat ze moesten wachten op weer zo’n speciaal moment. Jezus wilde ze echter leren dat wat Hij voor de menigte doet, Hij ook voor hen wilde doen. En niet alleen voor hen; ook voor jou en voor mij!

Hoe makkelijk is het om voor een ander geloof op te brengen en hoe moeilijk kan het worden als het ineens om ons eigen stukje brood gaat? Herkenbaar? Voor mij wel. Ik daag je uit om God te geloven voor jouw eigen stukje brood. Waar geloof jij God voor?

David de Vos

Raakt dit je? Lees dan de rest in mijn nieuwste boek ‘Geloof jij het?’.
Te bestellen in onze shop: www.goandtell.nl/webshop